Van de jubileum-commissie

(uit de weekbrief)

Wij hebben een aantal oud-leden gevraagd hun gedachten over de historie van onze club op papier te zetten. De komende tijd zal Arie Hoogstad (erelid van onze vereniging, oud-speler van eerste elftal en oud-voorzitter en nu 82 jaar oud) iets schrijven over de periode vanaf de oprichting tot na de W.O.II. Hieronder begint zijn relaas:

Waar is de tijd gebleven! 

3e aflevering:

Nog even terug naar de periode dat onze "thuishaven" aan de "Vliet" te vinden was (en dan doe ik zomaar enkele grepen tot de jaren dat we daar groeiden en bloeiden).
In die tijd speelden we nog in de Christelijke Voetbalbond en die organiseerde jaarlijks op 2e Paasdag een zogenaamde Bondsdag. Om volledig te zijn: er waren 2 bondsdagen, een Oostelijke en een Westelijke. Maar zo dicht bij huis kenden we ook in die tijd al veel verenigingen en dus.....zonder uitzondering werd immer voor de Oostelijke bondsdag gekozen (en met een variatie op de slogan, gebruikt voor de huidige presentatiegids, zeiden we toen: "verenigingen uit het oosten, we komen er aan".

Wat een aantrekkelijke tijd was dat; lang van te voren keek je er naar uit. Afhankelijk van het aantal elftallen dat werd ingeschreven en de supporters/sters die er een uitgaansdag van maakten, werden vroegtijdig de bussen gereserveerd. Om maar een paar plaatsen te noemen die we in de loop van de jaren aandeden: Almelo, Wageningen, Groningen waren o.m. plaatsen waar we geschiedenis schreven; zonder prijzen kwamen we nooit thuis, maar wat minstens even belangrijk was, waren de persoonlijke contacten. De onderlinge verhoudingen kregen een extra impuls, zowel binnen als buiten de lijnen. Onze club was een graag geziene gast en liet altijd een positieve indruk achter.

Een heel ander verhaal mag in dit overzicht zeker niet ontbreken. Onze kennis van de spelregels liet niets te wensen over en dat is niet zomaar een kreet. Verenigingen konden destijds deelnemen aan de z.g. spelregeltestwedstrijden, uitgeschreven door de Rotterdamsche Scheidsrechters Vereeniging en onder grote namen als Sparta en Feijenoord enz., was ook de naam van T.O.G. te vinden. Uit een boekje waarin meer dan 200 spelregels en mogelijkheden verwerkt waren, konden vragen gesteld en ook nu wisten de inmiddels uit de kluiten gegroeide "jonkies" van wanten. Om een lang verhaal kort te maken: er werden bijeenkomsten georganiseerd waar verenigingen aan de tand werden gevoeld over hun spelregelkennis - het ging er uiteindelijk om in het bezit te komen van een uitgeloofde wisselbeker en jawel, in de finale kregen we Sparta als tegenstander, maar TOG kwam onbetwist als overwinnaar uit de bus.

In dit verband stelde de heer Romer, zelf scheidsrechter, als toegift toch nog een vraag die niet meetelde voor de eindklassering. "Weliswaar een theoretische", zo stelde hij, "maar als u deze vraag weet te beantwoorden, dan zou ik u willen uitnodigen ons scheidsrechterscorps te komen versterken".
De vraag was de volgende: De bal moet na een achterbal weer in het spel worden gebracht. Er staat een stormachtige wind van doel tot doel. De bal wordt normaal door de keeper klaargelegd, door een medespeler vast gehouden om wegrollen te voorkomen en vervolgens door de keeper getracht in het spel te brengen. Door de stormwind gaat de bal echter recht omhoog, om vervolgens in het doel te verdwijnen. Vraag van de heer Romer:
"Mijne heren van T,O.G. wat is dit? Niet de vraag wat de spelregels hierover zeggen, nee, simpel de vraag, wat is dit?"
Nou, ik zal er kort over zijn: het antwoord was niet achterbal, evenmin doelpunt en wat u maar kunt bedenken; het antwoord was: "Het is geen weer om te voetballen". U kunt zich de hilariteit onder de aanwezigen voorstellen.

1e aflevering

2e aflevering

4e aflevering

 

terug